Geen zin (meer) in seks

13 juni 2016

Hoe komt het en wat doe je eraan?

Hoewel er niet vaak openlijk over gesproken wordt, komt het heel veel voor: minder zin hebben in seks. Als beide partners een verminderd libido hebben en hier geen probleem in zien, is er niets aan de hand. Over het algemeen ontstaan de problemen pas wanneer twee partners sterk van elkaar verschillende behoeften hebben, waardoor er wrijving binnen de relatie ontstaat. Thea van der Waart is arts-seksuoloog. Zij helpt mannen, vrouwen en stellen met seksuele problemen.

Het is heel normaal om af en toe periodes minder zin in seks te hebben. Zo’n tien procent van de mannen en eenendertig procent van de vrouwen overkomt het wel eens. ‘Minder’ is in dit geval heel subjectief. Er is geen standaard waar je als stel aan moet voldoen. We spreken van een verminderde behoefte als iemand aanzienlijk minder snel seksueel opgewonden raakt en minder plezier beleeft aan seks. Bij mannen kan het gebeuren dat de penis niet stijf wordt en bij vrouwen dat de vagina niet vochtig wordt. Vaak gaat deze periode vanzelf over. Hoewel het een herkenbaar fenomeen is, is erover praten nog steeds een taboe in veel kringen, ondervindt Thea: ‘Ik probeer dit taboe te doorbreken. Als je wilt dat je seksleven er anders uit komt te zien, is het juist belangrijk om er samen over te praten en het probleem te onderkennen. Mijn ervaring is dat, hoe moeilijk de gesprekken soms ook zijn, het bespreekbaar maken van een probleem een stel iets kan terug geven in de relatie waardoor hun leven weer fijner wordt. Wanneer ik het gesprek op gang breng en de partners open met elkaar praten, merken ze al snel dat praten thuis ook beter gaat. Soms hebben ze dus gewoon even een steuntje in de rug nodig. In mijn gesprekken behandel ik de hele mens. Of het hele stel. In plaats van me alleen te focussen op de problemen in de slaapkamer.’

Lichamelijke en psychische klachten
Een plezierig seksleven vereist in de eerste plaats dat je lichaam in staat is om op seksuele prikkels te reageren. Of dat gebeurt, hangt af van ingewikkelde chemische processen in het brein, waarbij allerlei stoffen als hormonen en neurotransmitters een rol spelen. Je kunt lichamelijke en geestelijke klachten hebben waardoor de seksuele prikkels niet goed verwerkt worden. Uit de praktijk blijkt vaak dat er niet een enkele oorzaak is voor een onbevredigend seksleven. Het gebeurt ook dat een stel met een seksueel probleem bij Thea binnenkomt, en dat er na een aantal sessies duidelijk wordt dat er veel meer speelt. Er komt bijvoorbeeld seksueel misbruik uit het verleden boven tafel. Of er is sprake van een diepe breuk in het vertrouwen. In dit soort gevallen verwijst Thea haar cliënten door naar een psychiater of psycholoog. Hoewel haar kennis ver gaat in de psychosociale zorg, wil ze het beste voor haar cliënten. En dan zijn ze soms beter op hun plek bij een andere hulpverlener.

Soms is de oorzaak voor afname van seksuele behoefte puur medisch. Vrouwen en mannen met hart- en vaataandoeningen kunnen last hebben van pijn bij het vrijen omdat de doorbloeding van de geslachtsdelen wordt bemoeilijkt door aderverkalking. Ook medicatie voor de behandeling van bijvoorbeeld kanker kan zorgen voor een verlies van zin in seks. Wanneer vrouwen, al dan niet kunstmatig, in de overgang komen, heeft dat zeker zijn uitwerking op de seksuele behoefte. Lichamelijk werkt het niet meer als voorheen. Een vrouw vindt het lastiger opgewonden te raken en haar vagina wordt minder snel vochtig. Een man kan dit soms lastig inschatten, en omdat stellen er niet over praten, vindt er al snel verwijdering plaats tussen de partners. Een vicieuze cirkel waarbij de een zich afgewezen en de ander zich opgejaagd voelt.

Eerst accepteren
De schrijver John Gray is wereldwijd bekend geworden met de theorie in zijn boek ‘Mannen komen van Mars, Vrouwen van Venus’. Hierin stelt hij dat mannen en vrouwen van nature verschillend zijn en dat we dit ook niet moeten willen veranderen. Zo hebben mannen bijvoorbeeld tien tot twintig keer zoveel testosteron en een grotere hypothalamus (de twee biologische factoren die van invloed zijn op waarom mensen zin in seks hebben) dan vrouwen. Als we de oorsprong van onze biologische verschillen begrijpen, kunnen we er makkelijker mee leren omgaan en zal dit tot verbetering van de intieme relatie leiden. Thea: ‘Wanneer mensen met problemen komen waarvan de oorzaak niet direct op te lossen is, is acceptatie een belangrijk aspect van de behandeling.’

‘Ook in het geval van medicatie is er geregeld nog iets te doen. In overleg met een behandelend arts of psychiater kunnen bijvoorbeeld andere pillen met minder seksuele bijwerkingen worden voorgeschreven.’ Mag dit allemaal niet baten, dan zegt Thea het liefst te kijken naar wat nog wel kan. Zij is een groot voorstander van ‘ja zeggen’. Ze zoekt samen met het stel uit wat zij nog samen kunnen doen om intimiteit te ervaren. Hierbij is communicatie heel belangrijk. Dat begint bij Thea in de spreekkamer en gaat hopelijk bij het stel thuis verder.

Het cliché dat een echte man altijd zin in seks heeft, kan overigens naar het rijk der fabelen worden verwezen. Thea merkt in haar praktijk dat er steeds meer mannen voor uit durven te komen dat ze minder of geen zin in seks hebben. Er komt weleens een stel bij haar op het spreekuur waar het andersom is: de vrouw wil wel vaker, en de man niet. Dit komt echter minder vaak voor. Over het algemeen ziet Thea het liefst dat stellen haar samen bezoeken, in plaats van alleen. Ze benadrukt dat een seksueel probleem altijd iets is tussen twee mensen. Er is geen standaard waar mensen aan moeten voldoen. Er is een verschil in behoefte. Als er een middenweg gevonden wordt, waar beide partners tevreden mee zijn, is de behandeling geslaagd.

Maak tijd voor elkaar
Onze drukke, veeleisende maatschappij heeft invloed op ons seksleven. Na een stressvolle dag hebben we minder aandacht en energie voor seks. Verreweg de meeste mensen lopen hier in hun relatie tegenaan. Dan is de intimiteit ver te zoeken. Laat staan seksualiteit. Thea haalt dan het doel weg: het stel mag geen penetratieve seks hebben. Dit voorkomt spanningen en ingesleten patronen. Wanneer de druk van de ketel is, scheelt dat vaak al heel veel. Daarnaast is het heel belangrijk om met elkaar te praten. Thea kan het niet genoeg benadrukken: ‘Praat met elkaar en praat erover met je vrienden. We zijn het niet gewend, en het is misschien onwennig, maar als je het onderwerp aankaart, hoor je de ervaringen van anderen en dat kan veel inzicht geven. Het gevoel niet alleen te staan kan enorm helpen bij het aanpakken van dergelijke problemen.’

Daarnaast vraagt Thea vaak aan cliënten wat ze nodig hebben om tijd te maken. Ook daarbij denkt ze in oplossingen. Als mensen zeggen dat ze te moe zijn om te vrijen, adviseert zij om dat bijvoorbeeld ’s ochtends te doen. Het zijn voor de hand liggende oplossingen, maar soms moeten mensen er even op gewezen worden. Samen een dag doorspreken, en kleine aanpassingen in ritmes aanbrengen kan al zorgen voor meer intimiteit.

De clitoris, waar zit die?
In sommige gevallen gaat Thea helemaal terug naar de basis van onze anatomie en legt ze haar cliënten uit hoe het vrouwelijk orgasme werkt. En wat de verschillen in opwinding zijn bij mannen en vrouwen. Een groot verschil tussen de mannelijke en vrouwelijke opwinding is bijvoorbeeld dat bij mannen het grootste gedeelte aan de buitenkant van het lichaam gebeurt. Zichtbaar voor de partner. Hierdoor speelt faalangst een veel grotere rol bij mannen dan bij vrouwen. Vrouwen gaan daarentegen weer veel sneller over hun persoonlijke grenzen heen en beginnen te vroeg aan penetratie als ze nog niet opgewonden genoeg zijn. Ze denken dat het aan hen ligt als ze er te lang over doen. En wat is lang eigenlijk? Er is wederom geen standaard. Een gezonde seksuele relatie betekent ruimte om deze zaken met elkaar te bespreken.

Geen kant-en-klare therapieën
Iedere cliënt is verschillend. Elk stel heeft zijn uitdaging en dus oplossing. Thea kijkt altijd naar wat mensen specifiek kan helpen. Ze vraagt een stel hun ideale vrijpartij op te schrijven. Of een lijstje te maken met turn off ’s en turn on’s. Dit doen ze thuis en bespreken ze bij Thea in de spreekkamer. Op deze manier leren stellen om op een constructieve manier over hun seksuele problemen te praten. Na de eerste stappen genomen te hebben, kunnen de stellen beter met elkaar communiceren. Vervolgens is het belangrijk de intimiteit op de agenda te houden. Als beide geliefden zich de nieuwe manier van doen echt eigen kunnen maken, is de kans van slagen van de therapie veel groter. Thea leert cliënten ook de behoeften op de agenda te houden. Vaak gebeurt het dat een stel heel braaf de oefeningen doet en na een aantal maanden of zelfs al weken vervalt in oude patronen. Dan gaan ze opnieuw met Thea om de tafel zitten en proberen te ontdekken hoe het komt dat bepaalde zaken niet op hun netvlies blijven zitten.

www.vrouwenpoliboxmeer.nl